Column Karin Vakantie in eigen land
Like ons op Facebook

Vakantie in eigen land

door Karin Hermens-Jolink

De bergen waar we vanuit huis op uitkijken, zien er elke dag anders uit. Het licht speelt altijd op een andere manier met het grillige reliëf. ’s Ochtends schijnt de zon erop, ’s avonds verdwijnt de zon erachter. De kleuren wisselen af tussen bruin, groen en geel, soms paarsig of met een oranje-roze gloed. Soms ligt er sneeuw, soms is er mist. De wolken – de wolken! – laten elke dag een ander schouwspel zien. Ik dacht altijd dat als je bij de bergen woont, dat je die bergen dan ook door en door kent. Na twee jaar heb ik dat gevoel nog absoluut niet. Er is nog zoveel te ontdekken in mijn achtertuin.

Het is herfst en we hebben een hele drukke zomer achter de rug. We gingen van start met kerst en oud & nieuw en we vierden al onze verjaardagen. Heerlijk dat dit allemaal in de zomer valt nu we hier wonen. Een speurtocht of een ‘barbie’ (bbq) zijn een stuk leuker met de zon erbij. Daarnaast heb ik vooral gewerkt, omdat ik met een gift & souvenirshop-in-a-caravan natuurlijk open moet zijn in het hoogseizoen. Tegelijkertijd kregen we ook visite uit Nederland. Mijn ouders waren zeven  weken bij ons. Wat een perfecte timing. Zij wilden veel bij de kleinkinderen zijn, wij hadden hulp nodig bij de opvang van Noortje tijdens haar zes weken schoolvakantie. Win-winsituatie. Natuurlijk wilden we in onze spaarzame vrije tijd mooie plekken laten zien. En dan hoef je dus helemaal niet ver weg te gaan.

Vanuit Cromwell ben je in 2,5 uur in (voor ons) grote stad Dunedin met het mooie groene Peninsula aan de oostkust en we gingen via een overnachting in Te Anau in ruim vier uur naar de Fjorden van Milford Sound aan de westkust. Alleen al de weg ernaartoe is een van de mooiste vakantieherinneringen ooit voor mij. De natuur is ‘showing off’ en laat zich hier van haar beste kant zien.

Toen ik in Nieuw-Zeeland op vakantie was en sinds ik er woon, rijden mijn ouders in gedachten altijd met mij mee. En vaak nog veel meer mensen. Heel gezellig is dat, in gedachten in mijn auto, dan ben ik een soort reisgids in een tourbus die de mooiste plekjes laat zien aan allemaal leuke mensen. Ik wil het graag delen. De waarheid is minder mooi, onze kinderen zijn vaak reisziek en vooral onze dochter rijdt liever niet in de bergen. Gewapend met een oordopje (in het andere oor dan de hand waar je mee schrijft – het helpt echt!) beginnen we altijd aan de ‘reis’ van drie kwartier naar Queenstown en twee stops later rollen ze opgelucht uit de auto. Met een beetje geluk heb ik dan ergens de kans gezien om spontaan een zijweg in te rijden om weer een nieuw uitzicht te ontdekken. Of we stoppen even bij AJ Hackett, dé bungeejump hotspot van Nieuw-Zeeland waar in 1988 al de eerste commerciële sprongen ter wereld werden gemaakt. Gelukkig kijkt de jongste van vier wel graag naar buiten en ontdekt hij steeds nieuwe dingen en herkent hij vaak waar hij is. Hij kan mijn omweggetjes meestal wel waarderen, als hij niet slaapt.

Sinds we hier wonen ben ik niet van het Zuidereiland weggeweest en het voelt alsof ik nog een hele wereld kan gaan ontdekken ‘in de buurt’. Het was erg leuk om met mijn ouders dagtripjes te maken. In het altijd drukke Queenstown en het charmante Arrowtown zijn we binnen drie kwartier, Wanaka duurt een minuut of 35, Alexandra ligt op een halfuurtje rijden van Clyde en de Clyde Dam liggen op nog geen 20 autominuten. Maar ook binnen ons eigen ‘kommetje’ tussen de bergen is het goed vertoeven. Er zijn bijvoorbeeld wandeltochten van 1 – 1,5 uur uur die je prima met kinderen kan doen. Zo kun je naar de top van de zogenaamde Rolling Hills. Dat zijn de glooiende heuvels die nog voor de hogere bergen liggen en die zo kenmerkend zijn voor deze regio. Je ziet ze ook symbolisch uitgebeeld op mijn winkel trouwens. Aan de ander kant van het dorp kun je de berg op wandelen via een stijl, smal pad en dan overzie je heel Cromwell zoals het op de ansichtkaarten staat, vanuit de zijde van het lookout point maar dan hoger.

Natuurlijk is er het meer dat ons hele dorp omringt en waar altijd een lekker plekje te vinden is om te zwemmen. Op een paar kilometer ligt Bannockburn, waar je wordt verwelkomd door het bord met de tekst ‘The Heart of the Desert’. Naast heel veel wijngaarden is er een wandelroute tussen de oude goudmijnen (The Bannockburn Sluicings). Het is een deels door mensen uitgegraven gebied waar je je compleet in een andere, veel woestere wereld waant. En dat terwijl je 100 meter verderop ‘sophisticated’ kunt lunchen in de ‘gewone’ wereld. En dan is er nog misschien wel ons bestbewaarde geheim, The Old Town. Een stukje goudmijnwerkersstadje verborgen in een voetgangersgebied aan het meer. 

Nog lang niet alles hebben we in die zeven weken gezien, dus hopelijk komen mijn ouders gauw weer terug – en niet alleen voor de omgeving natuurlijk. Een week na de zomervakantie kwam mijn zwager aanfietsen vanuit Auckland. Daar zou ik ook best een column over kunnen volschrijven. Over het noodweer onderweg, de landslides die hij trotseerde en de hartverwarmende onverwachte ontmoetingen met Kiwi’s die hem onderweg hebben geholpen. Zijn komst was voor mijn man de perfecte gelegenheid om een paar dagen vrij te nemen om dingen te ondernemen die wat lastiger te doen zijn met kinderen. Fietsen op de Rail Trail, wandelen naar de gletsjerbij Mount Aspiring en ’s avonds sterren kijken vanuit de zitzak. Eigenlijk allemaal dingen die ik graag samen wil doen en wat er maar niet van komt. We hebben nog zoveel te ontdekken en te doen. Maar ja, ook in het paradijs moet gewerkt worden. En harder dan in Nederland, want het leven is hier duur en de salarissen zijn niet zo marktconform als in de stedelijke gebieden en Nederland.

En wij hebben net weer een groot stuk spaargeld ingezet voor een vakantie naar Nederland. We gaan onze fijne familie en lieve vrienden weer zien! De planning is inmiddels in de maak. Een dagje school meemaken voor Noortje, we gaan de Nijmeegse Vierdaagsefeesten vieren, naar de Efteling, ik wil me weer thuis voelen in Amsterdam, Volendam een keer zien, de kinderen laten kennismaken met de Noordzee, Groningen bezoeken, rondstruinen in Maastricht, Breda herontdekken en als het even kan de Eiffeltoren in Parijs bekijken. Nog zoveel te zien en ontdekken. Maar dan wel op voorwaarde dat ik rij, anders word ik ook reisziek.

Over Karin

Ik ben Karin Hermens-Jolink (43) en ik woon samen met Elbert (43), Noortje (7) en Timme (4). Sinds mei 2016 wonen we in Cromwell op het Zuidereiland, tussen de superstadjes Queenstown en Wanaka in. We zitten in Central Otago op een soort geluksplekje waar het erg droog is en waar je de kou van de nacht vergeet zodra de zon overdag schijnt. 

Na twee vakanties in Nieuw-Zeeland – de eerste alleen, de tweede met man en dochter van 1 – was ik smoorverliefd op het land met de geweldig mooie landschappen en de vriendelijke bevolking. We kwamen Nieuw-Zeeland na heel veel sollicitatiebrieven binnen op een zogenaamd Skilled migrant visa van mijn man, die bij Wild Earth Wines werkt. 

Ik heb ‘Inkomend en binnenlands toerisme & recreatie’ gestudeerd in Breda en daarna deed ik marketing-, communicatie- en schrijfwerk. Best leuk, maar vaak ook stressvol. We zochten in Nieuw-Zeeland een betere balans tussen werk en privé en meer ruimte. Hier mocht ik eerst een jaar ‘niets’ doen en inmiddels ben ik eigenaar van The Otago Buzz, een gift & souvenir shop-in-a-caravan naast dé landmark van Cromwell (The Big Fruit, een megagrote fruit-sculptuur).

Like deze pagina

Specialisten Nieuw-Zeeland

Meer Nieuw-Zeeland.nl

Sponsors